Welke bandenspanning?
De juiste bandenspanning is van belang voor veiligheid en levensduur en dient koud gecontroleerd te worden. In het geval dat deze warm gecontroleerd wordt, moet u 0,3 bar optellen bij de aanbevolen spanning. De controle van de bandenspanning moet regelmatig, ongeveer elke twee weken, worden uitgevoerd. Spanningsverlies kan verklaard worden door: - de natuurlijke diffusie van de lucht in de band door de onderdelen van de band heen,
- daling van de omgevingstemperatuur,
- kleine gaatjes die, bij een tubelessband, niet direct leiden tot een lekke band, maar op termijn wel blijvende schade aan de band kunnen toebrengen.
Wanneer is de band versleten?Iedere band heeft een slijtage-indicator, dit is een ondiepte/verhoginkje in het profiel. Is de slijtage-indicator gelijk aan het loopvlak, dan is de minimale profieldiepte bereikt en is de band versleten. De meeste motorbanden fabrikanten adviseren uit veiligheidsoogpunt, voor de voorband mimimaal 1,5 mm profieldiepte en voor de achterband minimaal 2 mm profieldiepte. Een nieuwe band nodig..? Kies een nieuwe band altijd met je verstand.. kies een band die bij jou rijstijl en motor past, en laat je niet verleiden door een 'spits profiel' of opgeklopte, spannende verhalen, rondom een bepaald merk of type band. Vergeet niet dat de band van jou motor maar één schakel is in de hele ketting van een goed stuurgedrag van je motor! Inrijden van nieuwe banden.Het is belangrijk om nieuwe banden de eerste 200 tot 300 kilometer rustig in te rijden,dit om het loopvlak te laten 'wennen'. Daarna kun je de volledige capaciteit van de band gaan gebruiken. - Een regelmatige visuele controle van de banden is ook belangrijk. Let dan vooral op:
Het loopvlak: controleer op de aanwezigheid van "vreemde" zaken als steentjes, spijkertjes etc., controleer op insnijdingen, beschadigingen en (vreemde) slijtages. - De zijkanten: controleer op de aanwezigheid van beschadigingen door "shocks" zoals stoepranden, putten etc. en abnormale vervormingen.
- De hiel/velgzone: sporen van wrijving of beschadiging van de velg.
De temperaturen van de voor en achterband in vergelijking met de soort weg en rijstijl.De onderstaande lijst toont aan, welke invloed de snelheid, de afstand, de rijstijl en de soort van weg hebben op de temperatuur van de banden. Cruciaal voor de opwarmfase is ook de lucht en grondtemperatuur.
In de de zomermaanden, wanneer het asfalt makkelijk de 40+ graden kan bereiken worden de banden uiteraard veel sneller opgewarmt. Het is dan ook een fabeltje dat hoe heter de band is hoe meer grip deze biedt. Bij een TE warme band kan het gebeuren dat je ineens je grip kwijt bent i.p.v. dat je het aan voelt komen en je er dus zomaar ineens naast ligt. Nadelig zijn de koele seizoenen, of grote hoogten zoals het beklimmen van berg passen, waarbij niet alleen de luchttemperatuur, maar ook het koude wegdek de opgebouwde warmte aan de banden ontrekt, waardoor deze langzaam of niet op bedrijfs temperatuur komen ! Let vooral op dat tijdens de koelere dagen, het middenste loopvlak van je banden aanmerkelijk warmer zijn, dan de zijkanten.. dus hebben de zijkanten ook minder grip dan je zou verwachten! Warm je banden dan dus altijd eerst weer even voorzichtig op en duik niet meteen met de volle snelheid een mooie bocht in !
Want dan kun je maar zo door je achterband gepasseerd worden :-( (P.S. 30 graden voelt met de hand als behoorlijk warm aan, en rond de 50-60 graden trekt je, je hand instinctief terug. ) | Autosnelweg bij constant 120 km/h na 6 Kilometer rijden | | | Zijkant motorband links | Loopvlak midden | Zijkant motorband rechts | | Temperatuur voorband | 22 | 26 | 22 | | Temperatuur achterband | 26 | 30 | 26 |
| Autosnelweg bij constant 160 km/h na 6 Kilometer rijden | | | Zijkant motorband links | Loopvlak midden | Zijkant motorband rechts | | Temperatuur voorband | 27 | 30 | 27 | | Temperatuur achterband | 32 | 41 | 32 |
| Bochtige wegen bij een stevige snelheid na 20 Kilometer rijden | | | Zijkant motorband links | Loopvlak midden | Zijkant motorband rechts | | Temperatuur voorband | 32 | 35 | 32 | | Temperatuur achterband | 34 | 38 | 34 |
| Een langzame ronde op een circuit (2 minuten) | | | Zijkant motorband links | Loopvlak midden | Zijkant motorband rechts | | Temperatuur voorband | 25 | 25 | 28 | | Temperatuur achterband | 27 | 27 | 30 |
| Een snelle ronde op een circuit (1.45 minuten) | | | Zijkant motorband links | Loopvlak midden | Zijkant motorband rechts | | Temperatuur voorband | 30 | 26 | 33 | | Temperatuur achterband | 32 | 30 | 37 |
| Na 3 snelle ronden op een circuit (1.38 minuten) | | | Zijkant motorband links | Loopvlak midden | Zijkant motorband rechts | | Temperatuur voorband | 35 | 29 | 40 | | Temperatuur achterband | 43 | 39 | 48 |
|